Te kort tongriempje en de gevolgen voor de spraak

 

"Kun je goed leren praten met een te kort tongriempje?"


Voor een goed begrip moeten we een onderscheid maken tussen spraak- (=articulatie) en taalontwikkeling. Bij de spraakontwikkeling gaat het dus eigenlijk om het motorisch gedeelte (de manier van uitvoeren) van de taal. Een te kort tongriempje zal dus nooit invloed hebben op de taalontwikkeling (het leren van woorden en zinnen, de woordenschat), maar op de spraakontwikkeling.

Bij een te kort tongriempje kunnen er problemen ontstaan met het uitspreken van de dentalen. Dat zijn de medeklinkers, die je maakt door je tong tegen of vlak achter de boven-voortanden (t, d, n, s, z, l en bij sommigen de r). Bij deze klanken moet je je tongpunt heffen en op een bepaalde manier tegen de tandkas aanhouden of duwen. Nu is het zo dat je bij sommige kinderen met een te kort tongriempje ziet, dat ze heel veel mogelijkheden hebben om te compenseren en dat andere kinderen dat helemaal niet kunnen. Een voorbeeld van zo'n manier van compenseren is het maken van een ondertandse klank. Probeer het maar: maak eerst een 's' en voel heel goed hoe en waar je tong zit (bij de meesten bij de bovenkaak). Maak nu de 's ' een keer door je tong tegen je ondertanden aan te houden. Bij sommigen hoor je bijna geen verschil, anderen zullen het niet eens kunnen. Er zijn kinderen die (bijna) alle dentalen ondertands maken. Ook kan het zijn dat de tongpunt net nog de bovenkaak kan aanraken en dat dat voldoende is. Het is dus afhankelijk van het kind of een te kort tongriempje wel of niet moet worden doorgesneden.

 

home

terug naar beginpagina Communicatieve ontwikkeling

terug naar Te kort tongriempje